Terug naar Jij als ouder

Jij als ouder

Mijn kind kan niet schakelen: 5 tips voor soepelere overgangsmomenten

Overgangen lijken klein, maar kunnen voor een kind groot voelen. In dit artikel lees je waarom schakelen soms zoveel moeite kost, wat daarbij meespeelt en hoe je momenten soepeler maakt.

Van spelen naar aan tafel. Van thuis naar school. Van de bank naar de badkamer.Bij het ene kind gaat dat vanzelf. Bij het andere loopt elk van die momenten uit op gemopper, ruzie of een boze bui, en kost het jullie allebei tien minuten en een hoop humeur.Er zitten heel wat van die momenten in een dag. En als ze bij jullie allemaal stroef gaan, ben je aan het eind van de dag doodmoe van iets wat op papier niks voorstelt.

Waarom je kind niet kan schakelen

Een overgang vraagt iets wat we vaak over het hoofd zien: je moet stoppen met iets waar je middenin zit, en overschakelen naar iets anders.Voor jou is dat niets. Je legt je telefoon weg en je staat op. Voor een kind is dat een vaardigheid die nog volop in ontwikkeling is, en die heet schakelen.Wat er dus gebeurt als hij niet komt eten: het is meestal niet dat hij jou negeert. Hij zit er nog in en weet niet hoe hij eruit moet komen.Daar komt nog iets bij: hij kan de tijd niet inschatten. Als jij zegt dat het over vijf minuten eten is, weet hij niet wat dat betekent. Dus komt het einde van het spelen altijd onverwacht.

Waarom overgangsmomenten bij jouw kind zoveel strijd geven

Kinderen verschillen hier enorm in, en dat verschil zie je vaak al vroeg. Het ene kind schakelt makkelijk, het andere heeft er bij elke overgang moeite mee.Dat gaat niet over hoe jij het aanpakt. Als je meerdere kinderen hebt, merk je dat waarschijnlijk zelf: bij de een hoef je maar iets te zeggen, en bij de ander is elke stap een onderhandeling. Terwijl jij bij allebei hetzelfde doet.Dat is prettig om te weten als je jezelf weleens afvraagt wat je verkeerd doet. Het antwoord is meestal: niets. Je hebt een kind dat hier meer tijd voor nodig heeft.Meer over deze vaardigheid lees je bij wat de executieve functies zijn.

5 tips

1. Bespreek de dag vooraf. Neem 's ochtends even door wat er komt: eerst naar school, daarna zwemles, en dan eten. Voor een kind dat moeilijk schakelt is weten wat er komt het halve werk, want dan hoeft hij niet steeds opnieuw overvallen te worden door iets wat jij allang wist.2. Kondig de overgang aan. Iets als "over vijf minuten gaan we eten" geeft hem de kans om af te ronden in plaats van dat je hem eruit trekt. Doe dat wel naast hem en niet vanaf de andere kant van de kamer, want anders komt het niet binnen en denk jij dat je het gezegd hebt terwijl hij het niet gehoord heeft.3. Maak de tijd zichtbaar. Een timer, een zandloper, of gewoon afspreken dat hij nog twee rondjes mag. Als hij zelf kan zien hoeveel er nog over is, hoeft hij niet op jou te vertrouwen voor iets wat hij op zijn leeftijd nog helemaal niet kan inschatten.4. Sluit af in plaats van af te kappen. Ga even naast hem zitten, kijk mee naar wat hij doet en vraag wat hij aan het bouwen was. Dat voelt volstrekt tegennatuurlijk als je haast hebt, en een halve minuut aandacht scheelt in de praktijk vaak tien minuten strijd.5. Houd de volgorde elke dag hetzelfde. Wat vast is hoeft namelijk niet aangekondigd te worden, en dat scheelt je op een gewone dag zomaar een handvol overgangen waar je verder geen omkijken meer naar hebt.En kies er één. Alle vijf tegelijk invoeren lukt niet, en dan raak je bovendien de moed kwijt als het niet meteen werkt. Neem het moment dat het vaakst misgaat en probeer daar één ding.

Wanneer het meer is

Loopt vrijwel elke overgang uit op een uitbarsting, ook de kleine, en gaat dat maanden zo door, dan is het goed om er met school over te praten of het te laten bekijken.Moeite met schakelen komt vaker voor bij kinderen met bijvoorbeeld autisme of ADHD, en ook bij kinderen die veel prikkels binnenkrijgen. Dat is geen reden om te schrikken; het is een reden om te laten meekijken, want dan kun je gerichter aanpakken.

Tot slot

Die tien overgangen per dag kosten jou meer dan je zou denken. Niet omdat ze zwaar zijn, maar omdat ze zich herhalen en omdat je er elke keer opnieuw energie in moet steken.Dat je daar moe van wordt is niet omdat je te weinig geduld hebt. Dat is omdat je tien keer per dag hetzelfde doet zonder dat er iets verandert.Wat helpt is niet harder duwen maar eerder beginnen, en zichtbaar maken wat hij zelf nog niet kan overzien. Dat kost in het begin meer tijd, en levert daarna elke dag iets op.Wil je weten waar bij jullie de meeste ruimte zit,In de OpvoedApp lees je daarna hoe je die momenten aanpakt, en wat je zegt als hij toch niet komt.